



Reptielen zijn zoals gezegd koudbloedige dieren. Dat houdt in dat ze zichzelf niet kunnen opwarmen maar dit doen aan de hand van hun omgevingstemperatuur. Dit is dan vooral de luchttemperatuur als de stralingswarmte van de zon of omgeving. Wij mensen hebben daar geen last van en uw hond of kat ook niet. Als wij het koud krijgen dan warmt ons lichaam zich gewoon weer op. Echter is hier natuurlijk bij ons ene grens in. Wordt het te koud dan kan ons lichaam dat niet aan. Reptielen hebben daarin hun voordeel weer. Niet alle reptielen hebben constante warmte nodig. Als het koud wordt dan vertraagd alles in het lichaam. De verbranding en energieverbruik. Ze gaan dan minder eten en in de winter zelfs in winterslaap zonder last te krijgen van onderkoeling.
De basis voor reptielen blijft altijd de omgevingstemperatuur. Als deze niet goed is is het gewoon onmogelijk voor een reptiel om daar zijn leven lang te kunnen overleven. Omgevingstemperatuur wordt natuurlijk ook beinvloed door stralingswarmte.
Stralingswarmte bedoelen we dus voornamelijk de zon mee. De directe straling van de zon die reptielen in zich opnemen verwarmt het lichaam en geeft hen weer energie om te jagen of hun eten te verteren en te groeien.
Grondtemperatuur is ook een vorm van stralingswarmte. Zodra de zon ondergaat blijven veel stenen of ondergrondse schuilplaatsen nog lange tijd warm. De straling van de stenen worden daarom ook nog lange tijd gebruikt om warm te blijven. Zeker door reptielen die ‘s nachts jagen. Doordat tegenwoordig overal wegen zijn aangelegd kan je daar ‘s nachts veel reptielen tegen komen die nog nagenieten van het warme wegdek.
De verschillen onderling zijn groot.
Zo zijn er reptielen in diverse maten, van hele kleine hagedisjes tot meters grote krokodillen.
Het ene soort legt eieren en de ander werpt levende jongen.
De meeste hebben 4 poten en sommige hebben er geen (of enkel sporen er nog van).
De ene is vleeseter die zijn prooi in zijn geheel naar binnen werkt en de ander eet enkel weer groenvoer en andere eten zelfs beide.
Zo heb je giftige reptielen en anderen die met wurgen hun prooi van het leven beroven.
En dan hebben we het niet eens over het uiterlijk gehad. Je hebt verschrikkelijk lelijke dieren tot de meest mooi fel gekleurde en verkleurende soorten
En zo zijn er nog velen verschillen te bedenken.
Reptielen vallen onder de groep van koudbloedige gewervelden dieren die ademhalen via de longen. Dat is de enige overeenkomst die ze hebben. Want vanaf dat punt hebben ze allemaal hun eigen voorkeuren voor voeding, leefomstandigheden en voortplanting.
Enkele voorbeelden: Slangen, hagedissen, schildpadden en krokodillen